fs. Anthonius
van Damme (II b) en Marie Hariens
° Kaprijke 25 feb. 1645
† Kaprijke 25 jan. 1707
De tweede in leven gebleven zoon van Anthonius was
Livinus, die op 30 april 1669 trouwde te Kalken met Joanna Bauwens, geboren
te Kalken, 24 februari 1643, dochter van Jacobus en van Adriana Coolman.
(11)
Joanna erfde heel wat land te Kalken, dat gedeeltelijk verkocht werd om een
eigen hofstede te verwerven.
Op 24/12/1669 grijpt in Kaprijke een telling van "weerbare mannen" plaats,
dit zijn gezonde volwassenen die in staat zijn de wacht op te trekken en/of
tegenstand te bieden bij aanvallen van de vijand. Zij werden ingedeeld in
groepjes van 9 à 10 man onder leiding van een korporaal, meestal een wat
ouder en begoed man. Van de ± 460 Kaprijkse weerbare mannen, (onder leiding
van 51 korporaals), vinden we slechts 1 Van Damme, nl. Livinus, onder
korporaal Guille Zegers. (RAG - Kapr. 43 deel 1 blz 35)
In 1676 wordt in de heerlijkheid Heyne, aan de noordkant van de straat
"lopende van Kaprijke naar het fortjen..." de "deurgaende" helft van een
behuysde hofstede en ± 7 gemeten land + de helft van het huis, de schuur en
de bomen van die hofstede verkocht. De instel wordt gedaan door Aernout de
Pape voor de som van tien hondert guldens vlaams en 10 schellingen voor
's vercoopers huysvrouwe..." Het opbod moet minimum 4 pond en 10 schellingen
en 6 grooten bedragen.
Op 18-9-1676 verhoogt Lieven Van Damme fs. Anthonius het een eerste keer, en dezelfde
dag nog een tweede keer. Daar niemand later nog hoger biedt wordt het aan hem
toegewezen op 14-10-1676. (RAG-Oud Kaprijke nr. 349, blz469 en vlg)
Een goede 2 maand later, nl. op 23-12-1676 wordt de andere helft verkocht,
door Jooris Van Overtvelt en Christoffel De Baets (als voogden over de wezen
van Guillaume Piessens). Pieter Van Hecke, baljuw der heerlijkheid Heine
stelt in voor 162 ponden grooten vlaams. Deze helft is echter belast met 2
renten (= leningen) van elk 3 ponden per jaar (1 ten voordele van Aernout de
Pape en 1 van George Goddaert).
Een eerste verhoging doet Jooris van Overtvelt (een verkoper!) op 3-1-1677,
maar uiteindelijk wordt het voor deze som toegewezen aan Lieven Van Damme
"… uyt crachte van ghemeensaemheyt…" (een soort van voorkoopsrecht, ten
gevolge van de eigendomstitel van de eerste helft ?) We lezen ook dat
Christiaen Coppejans uitweg moet hebben langs dit land ! (RAG-Oud Kaprijke
nr. 349 blz 473 en vlg)
En het is deze Christiaen Coppejans en zijn echtgenote Madeleine Mortier die op
6 maart 1680 aan Lieven een stuk land verkopen van 2,5 gemeten in dezelfde buurt
voor 46 ponden van tgemet "teynden maete, teynden gelde". Het komt in gebruik
op Kerstmis 1680 en men moet uitweg geven aan 2 stukken land, aan de oostzijde
gelegen. (RAG-Oud Kaprijke nr. 349 blz 477 en vlg)
In 1699 verkochten Jan Van Vooren fs. Danneel en zijn echtgenote Joanna Tiry,
die weduwe was van Jan Mariman, samen met de voogd Jan Roegiers fs. Christoffel
een stuk land van 3 gemeten in de heynacker. Op 18-7-1699 stelde Jooris Claeys
in voor 40 ponden per gemet. Opbod was toegelaten met minimum 4 ponden 5
schellingen per keer. Niet minder dan 7 verhogingen op 6 weken tijd werden
gedaan.
1e door Lieven van Damme op 20-7
2e door Jan de Coorelyter op 19-8
3e door Jooris Claeys op 30-8
4e door Jan de Coorelyter op 31-8
5e door Mattheus Zegers op 1-9
6e door Maximiliaan Speeckaert op 3-9
7e door Joos Maeye op 3-9 eveneens.
Op 14-11-1699 verklaart deze Joos Maeye zijn koop en verhoging over te laten
ten voordele van Livinus Van Damme. Hij fungeerde dus als "stroman".
Vermelden we dat Lieven in 1680 zeker reeds schepen van de heerlijkheid Heyne
was, onder burgemeester Paulus Mortier en in november 1699 vinden we hem
vermeld als "… d'eersamen livinus van damme fs. Antheunys, burchmre deser
voorn. Heerlyckhede…" (RAG-Kapr 349 blz 555 en vlg)
Joanna Bauwens stierf te Kaprijke op 21 november 1703 en ze werd de 23e in de
kerk begraven met een processie uit het sterfhuis en gezongen mis
"… et 23 eiusdem sepulta est in ecclesia cum processione ex domo mortuaria
et missa cantata".
Vader Livinus van Damme overleed eveneens te Kaprijke als burgemeester der
heerlijkheid Heijne op 25 januari 1707 en hij werd twee dagen later eveneens
in de kerk begraven (12).
In zijn testament schenkt Lieven Van Damme aan de kerk een rente van
"32 ponden grootten" in ruil voor "eeuwig jaergetijde met de miserere profundis
ende ordinaire kerkelijke gheboden, volle geluidt van de meeste clocke, met
licht aen den autaer, ende uytdeelen van eenen sack broodt voor den aermen."
Volgens een acte van 28-10-1761 - 54 jaar later dus! - komen de 4 nog levende
kinderen van zijn zoon Frans bijeen "… bedacht sijnde dat hunne naersaeten
somwijlen souden negliseren van de voorschr. fundatie te doen exonoreren ofte
dat d'een ofte d'ander van hun quame insolvent te bedijden, door welck gebreck
d'intentie van den·donateur niet en soude connen volbracht worden…"
Zij hadden immers het kapitaal van 32 ponden mogen houden en de intrest diende
voor het jaargetijde. Opdat hun nakomelingen het zeker niet zouden vergeten
vonden ze het wel raadzamer ook het kapitaal aan de kerk van Kaprijke te schenken,
zodat die dan verder de zorgen op het naleven van het testament moest dragen.
Nog geen jaar later, op 1 mei 1762 meldde de bisschop van Brugge (Kaprijke
ressorteerde toen onder dat bisdom!) dat de opbrengst van dat kapitaal à 4%, niet
voldoende meer was om aan de eisen van een eeuwig jaargetijde te voldoen. Hij
stelde voor de testamentaire eis te milderen tot 3 gelezen missen met "den miserere"
en "de profundis", waarmee de familieleden ook instemden. (RAG-kerkarchief
Kaprijke nr. 22)
Het echtpaar van Damme-Bauwens werd gezegend met 7 kinderen:
1) Jacobus, ° Kaprijke, 31 januari 1670.
Huwde te Assenede op 16 januari 1696 met Joanna Dierkens fa Paulus. Ze was
reeds weduwe van Pieter van Heede, uit Assenede. Jacobus erfde van zijn kant
een gedeelte van de landerijen in "de Berken", 2 1/2 gemet land te St. Margriete,
1 gemet dijk, 260 roeden bos te St. Laureins en 4 gemet land gelegen te Kaprijke met
"het oostijnde aen de Schepvaert deser stede".
Zijn vrouw bracht als bruidschat een behuisde hofstede met 8 gemet land mede,
die ze beboerden, gelegen te Assenede, wijk De Wilde.
Jacobus van Damme overleed te Assenede op 23 oktober 1707 en werd er de 25e
in de kerk tussen de banken begraven (… sepultus in ecclesia infra scamna).
Zijn broer Frans van Damme uit Kaprijke werd als voogd aangesteld van de 4
overlevende wezen (13). Joanna Dierkens huwde nadien nog een derde maal met
Joos de Vleeshouwer.
Kinderen van Jacobus van Damme en Joanna Dierkens:
2) Maria, ° Kaprijke 13 augustus 1671.
Zij huwde een eerste maal te Kaprijke op 15 november 1692 met Christiaen de
Pape. Hij was reeds weduwnaar van Pieternelle Claeys († Bassevelde 20-12-1691).
Hij was in zijn leven wethouder van het ambacht Boekhoute en overleed in
Bassevelde op 7-11-1699. Zij boerden op de wijk Hogevorst te Bassevelde.
Hij liet 6 kinderen achter, 3 uit elk huwelijk. (RAG - Boekhoute 829 blz 225
verso en vlg.)
Uit het huwelijk met "Mayken" Van Damme kennen we:
Zij huwde een tweede maal te Bassevelde op 18 februari 1702 met Pieter de Vreese fs Adriaan, bij wie ze 6 kinderen ter wereld bracht, waarvan enkel de oudste en jongste volwassen werden:
Pieter de Vreese stierf te Bassevelde op 22 januari 1727, 58 jaar oud (14 B).
3) Joannes Anthonius, ° Kaprijke 25 augustus 1673 en er overleden op 18 oktober
1703.
"sepultus est 20a eiusdem in ecclesia in capello nominatus Jesu cum officio
prima classis et processione".
4) Levinus, ° Kaprijke 14 november 1678 en overleden voor 1704.
5) Joanna Theresia, ° Kaprijke 28 februari 1682 en er op 10 mei
1708 getrouwd met Lieven de Causmaecker, zoon van Lieven.
Ze kochten in 1719 de hofstede nevens het ouderlijke hof en in de Staat van Goed
van Joanna Theresia staan beide hofsteden zeer nauwkeurig beschreven.
Dit laat ons toe het stamvaderlijke erf terug te vinden. We citeren:
- "… in de heerlijckheid Heijne in de Heijnakker, commende met het suijteijnde op
de straete loopende van Caprijcke Kercke naer het Fortien, west de heere deser
heerlijckhede, noort deersaemen Guilliaeme Clays, oost den selven ten deele ende
oock de volghende hofstede…"
- "… een hofstede met de huijse ende westcaemer groot in erfven 3 gemeten en alf
salvo justo, gheleghen oock ter deser heerlijckhede abouterende oost den Heijnpat
ofte weghel [bestaat nog!], suijt de voornoemde straete, west ende noort den
sterfhuijse…" (15 A)
Joanna Theresia van Damme is overleden te Kaprijke-Heijne op 20 maart 1724.
Zij werd de 22e in de kerk begraven, met 1e klasse en gezongen dienst.
Lieven de Causmaecker bleef achter met 3 zonen en 3 dochters, waarvan de jongste
amper 10 maanden oud was. Zij waren:
Lieven is later hertrouwd met Elisabeth Dhaele, ° Kaprijke 6/5/1706, dochter van
Adriaen en Theresia Hamers (RAG - Kapr. 361 p. 256) en in 1729 met Elisabeth de
Pape fa Jan fs Vincent, die zelf sinds 14 april 1727 weduwe was van burgemeester
Lieven de Grave fs. Marijn uit Watervliet. (15 B)
Lieven de Causmaecker had nog twee kinderen bij Elisabeth de Pape.
Hij overleed te Watervliet op 4 juli 1733. Elisabeth de Pape was hem daar reeds
op 11 februari 1733 in de dood voorafgegaan.
6) Franciscus
° Kaprijke 28 april 1684.
x Kaprijke 22 november 1707 Georgia de Causemaecker.
(volgt onder IV)
7) Helena, ° Kaprijke 9 oktober 1686.
† voor 1704.
In 1738 doen Lieven Van Damme (als voogd over de wezen van Lieven De Causmaecker
x Joanna Van Damme), Lieven Geeraert fs. Joachim (als voogd over de weze van Marie
De Causemaecker fa. Lieven x Joanna Van Damme, voornoemd) en Pieter Cathelijn
(als voogd in beide voornoemde sterfhuizen), een aanvraag bij burgemeester en
schepenen van de heerlijkheid Heine, onder Kaprijke, om het erfdeel te verdelen en
de wezenpenningen te innen, afkomstig van het sterfhuis van Jan Bauwens, fs. Jan
en Joanna Janssens, ongehuwd overleden in Wetteren op 25/9/1734.
Zij vormen nl. "… eenen derden staeck van viere in eenen derden hooftstaeck van de
vaderlijcke syde…". En die aanvraag tot verdelen, in naam van al de andere
erfgenamen van vaderlijke zijde, heeft tot doel om ieder zijn deel te kunnen geven
(in het bijzonder de wezen), want de goederen van het sterfhuis konden nog niet
"… ghespleten ende vercavelt worden , door de menigte van dhoirs."
(hoir = erfgenaam)
Anderzijds was er slechts 1 erfgenaam van moederlijke zijde, nl. Sieur Jan Hijde
fs. Jan en Adriana Janssens (Adriana was dus zuster van 's overledens moeder),
koopman in Gent, en deze man veroorzaakte "… groote mogelijckheden ende processen,
soo over soverledens legaeten als andersints, te menigvuldigh om alhier te
explicieren…"
De aanvragers stellen voor dat alle baten en schulden van het sterfhuis voor
bewuste Hijde zijn, en dat hij 250 ponden grooten courant moet betalen aan de
erfgenamen van vaderszijde.
Op 11/6/1738 advizeren burgemeester Guillaume Claeys en schepenen Pieter Boelens
fs. Pieter, Jan Van Overberghe, Andries vander Waerhede en Lieven Minnaert,
positief, mits alles in het wezenboek geregistreerd wordt.
Het contract van "uytcoop", waarop zowel aanvragers als wethouders zich baseren,
werd opgesteld op 29/5/1738 door notaris Jan Baptiste de Stobbelaere in Gent en
vermeldt alle erfgenamen en hun verwantschap, waarvan hier de samenvatting:
* 1 erfgenaam van moederszijde: Jan Hyde in Gent
* 3 hoofdtakken van vaderszijde:
a) kinderen van Jacques Bauwens (waaronder Jan, greffier van Opwijk)
b) de erfgenamen van Joos Bauwens
c) de erfgenamen van Joanna Bauwens, gehuwd met Lieven Van Damme.
(RAG - Kapr. 362, blz. 233 tot en met 237)
![]()
Onze Van Damme Homepage
De Inhoudstafel
Algemeen Overzicht
Deze website doorzoeken
Neem contact op met ons.
www.MijnPlatteLand.com
Meest recente bijwerking: 10 janvier 2012